Thuisbatterij

Terugleverkosten: wat leveranciers rekenen en wat een thuisbatterij daaraan verandert

Terugleverkosten voor zonnestroom: wat leveranciers in september 2026 rekenen, of dat mag van de ACM, en hoeveel een thuisbatterij er echt aan bespaart.

Redactie MijnhuisinstallatiesBijgewerkt op 17 min leestijd

Terugleverkosten zijn het bedrag dat je energieleverancier apart in rekening brengt voor de zonnestroom die je aan het net teruglevert, los van wat je voor je eigen verbruik betaalt — en een thuisbatterij verlaagt dat bedrag alleen voor het deel van je overschot dat de batterij daadwerkelijk kan opslaan en later zelf laat verbruiken. Voor een gemiddeld huishouden met zonnepanelen gaat het om enkele tientjes tot een paar honderd euro per jaar, sterk verschillend per leverancier. Een thuisbatterij kan een deel van dat bedrag wegnemen, maar in de praktijk is die besparing alleen zelden genoeg om de aanschaf terug te verdienen.

Sinds 2023 brengen steeds meer energieleveranciers deze kosten in rekening, meldt de Autoriteit Consument & Markt (ACM), de toezichthouder op de energiemarkt. Dat gebeurt bovenop de salderingsregeling, die tot 1 januari 2027 nog grotendeels geldt: je teruglevering wordt nog steeds weggestreept tegen je verbruik, maar leveranciers rekenen daarnaast een aparte vergoeding voor het verwerken van de totale hoeveelheid stroom die je terugstuurt. Hoeveel dat precies is, verschilt fors per leverancier, en de manier van berekenen ook.

Dit artikel zet de tarieven van september 2026 op een rij, legt uit of leveranciers dit eigenlijk wel mogen rekenen, en rekent volledig uit hoeveel een thuisbatterij van 10 kWh bij een huishouden met 10 zonnepanelen aan terugleverkosten bespaart. Ook komt aan bod wat er met deze kosten gebeurt als saldering op 1 januari 2027 stopt, en welke alternatieven er zijn als een batterij te duur uitpakt.

Wat zijn terugleverkosten precies, en waarom rekenen leveranciers ze sinds 2023?

Terugleverkosten zijn een aparte vergoeding die je energieleverancier vraagt voor het verwerken van de stroom die jouw zonnepanelen aan het net terugleveren, los van saldering en los van de terugleververgoeding die je voor een eventueel overschot krijgt. Ze staan als afzonderlijke post op je jaar- of eindafrekening, naast wat je voor je eigen verbruik betaalt.

De ACM schrijft dat leveranciers voor teruggeleverde zonnestroom daadwerkelijk kosten maken: administratie, verwerking in hun systemen en de inkoop van stroom die ze op zonnige momenten vaak tegen een lage of zelfs negatieve marktprijs moeten afzetten. Sinds 2023 brengen steeds meer leveranciers die kosten in rekening bij huishoudens met zonnepanelen, meldt de toezichthouder. Voor die tijd was salderen voor de meeste huishoudens het enige dat telde: teruglevering werd simpelweg weggestreept tegen verbruik, zonder aparte kostenpost.

Belangrijk om te begrijpen is dat terugleverkosten meestal gebaseerd zijn op je totale teruglevering aan het net over een jaar, niet alleen op het deel dat boven je eigen verbruik uitkomt. Essent legt dat op zijn eigen website zo uit: de leverancier verdeelt terugleverkosten in schalen op basis van "je verwachte teruglevering over de hele verbruiksperiode" — dus alle stroom die je fysiek teruglevert, ook het deel dat via saldering nog gewoon tegen je verbruik wegvalt. Terugleverkosten komen daardoor bovenop het salderingsvoordeel, niet in de plaats daarvan.

Hoeveel je precies betaalt, hangt af van twee dingen: hoeveel stroom je teruglevert, en welk rekenmodel je leverancier gebruikt. Dat laatste verschilt fundamenteel per leverancier, zoals de volgende sectie laat zien.

Wat ga jij betalen als salderen stopt?

Vul je postcode en aantal panelen in en zie in 2 minuten wat het einde van salderen jou kost, en wat een thuisbatterij daarvan terugpakt.

Doe de salderingscheck

Hoe hoog zijn de terugleverkosten in september 2026, en hoe verschillen ze per leverancier?

In september 2026 lopen de terugleverkosten voor een gemiddeld huishouden met zonnepanelen uiteen van niets tot een paar honderd euro per jaar, en de manier waarop leveranciers dat bedrag berekenen verschilt fundamenteel. Essent en Vattenfall werken met een schalensysteem: op basis van je verwachte jaarlijkse teruglevering val je in een schaal, en aan die schaal hangt een vast jaarbedrag. Eneco rekent in plaats daarvan een vast tarief per teruggeleverde kilowattuur, zonder schalen.

Tarieven per leverancier, peildatum september 2026

Onderstaande tabel vergelijkt Essent, Vattenfall en Eneco bij oplopende teruglevering. Essent en Vattenfall werken zelf met schalen; voor Eneco is de kolom een eigen berekening op basis van het vaste tarief van die leverancier, bij de bovengrens van elke bandbreedte, zodat je de systemen naast elkaar kunt leggen.

Teruglevering per jaar (kWh) Essent — jaartarief, schaal (geldig per 1 jan. 2025) Vattenfall — jaartarief, schaal (geldig per 1 mei 2026) Eneco — bij vast tarief € 0,13329/kWh (voorbeeld van 25 feb. 2026)
0 – 250 € 0,00 € 0,00 € 0 – 33
250 – 500 € 48,84 € 0,00 € 33 – 67
500 – 750 € 81,36 € 70,00 € 67 – 100
750 – 1.000 € 113,64 € 102,00 € 100 – 133
1.000 – 1.250 € 146,28 € 138,00 € 133 – 167
1.250 – 1.500 € 178,80 € 169,00 € 167 – 200
1.500 – 1.750 € 211,32 € 200,00 € 200 – 233
1.750 – 2.000 € 243,84 € 231,00 € 233 – 267
2.000 – 2.250 € 276,36 € 262,00 € 267 – 300
2.250 – 2.500 € 308,76 € 293,00 € 300 – 333

Essent hanteert, stand september 2026, nog altijd de schaal die volgens de eigen tariefpagina "geldig is per 1 januari 2025". Vattenfall paste zijn tarieven per 1 mei 2026 juist naar beneden aan: in de schaal 2.250–2.500 kWh betaalde je tot en met 30 april 2026 nog € 316 per jaar, tegenover € 293 sinds 1 mei 2026, blijkt uit het eigen tarievenblad van de leverancier. Terugleverkosten gaan dus niet alleen omhoog, ze kunnen ook dalen.

Eneco rekent geen schaal, maar een vast tarief per kWh: € 0,13329 inclusief btw voor de periode tot en met 31 december 2026, tegenover een terugleververgoeding van € 0,14326 per kWh, zo blijkt uit de rekenvoorbeelden die de leverancier zelf publiceert. Dat maakt Eneco's systeem het makkelijkst te doorgronden: elke teruggeleverde kWh kost je precies hetzelfde bedrag, ongeacht hoeveel je in totaal terug levert.

De ACM signaleerde in maart 2025 een maand waarin de gemiddelde terugleverkosten met 10% stegen ten opzichte van de maand ervoor, blijkt uit de eigen Energiemonitor van de toezichthouder. Dat was een momentopname uit het voorjaar van 2025; het latere, uitgebreidere onderzoek van de ACM in december 2025 concludeerde juist dat de kosten bij gelijkblijvende marktomstandigheden niet verder zullen stijgen.

Mag een leverancier terugleverkosten rekenen, en wat vindt de ACM ervan?

Ja: terugleverkosten zijn toegestaan, concludeerde de ACM na onderzoek onder 16 leveranciers, gepubliceerd op 17 december 2025 (zaak ACM/24/192637). Het was het derde onderzoek van de ACM naar dit onderwerp sinds 2024. De conclusie: de onderzochte terugleverkosten zijn niet verboden en, in verhouding tot de kosten die leveranciers zelf maken, "niet onredelijk hoog". De ACM schrijft ook dat de kosten die verschillende leveranciers maken voor teruggeleverde stroom "niet erg van elkaar verschillen", en dat verdere stijging bij gelijkblijvende marktomstandigheden niet te verwachten is.

Waar de ACM wél kritisch over is, is de vergelijkbaarheid tussen leveranciers. Omdat de ene leverancier met schalen werkt en de andere met een vast tarief per kWh, is het voor consumenten vaak onduidelijk waar ze precies voor betalen, meldt de toezichthouder. Daarom moet elke leverancier vanaf het modelcontract van 1 januari 2026 terugleverkosten "op een uniforme wijze in rekening brengen als bedrag per teruggeleverde kWh". Dat modelcontract is het standaardcontract dat elke leverancier verplicht moet aanbieden; het dwingt niet elk bestaand commercieel contract meteen tot hetzelfde rekenmodel, maar zet wel de norm voor de richting waarin de markt zich beweegt. In de praktijk zie je dat terug: Eneco werkt inmiddels met een vast tarief per kWh, terwijl Essent en Vattenfall in september 2026 nog met schalen rekenen.

ACM ConsuWijzer, het consumentenloket van de toezichthouder, adviseert om bij het kiezen van een leverancier altijd naar beide kanten te kijken: niet alleen het leveringstarief, maar ook de terugleverkosten en de terugleververgoeding. Heb je zonnepanelen, dan moet een leverancier daar in zijn aanbod op maat rekening mee houden. ConsuWijzer noemt het zelfs mogelijk om afzonderlijke leveranciers te kiezen voor levering en teruglevering, als dat voordeliger uitpakt.

Hoeveel bespaart een thuisbatterij aan terugleverkosten? Rekenvoorbeeld voor 10 zonnepanelen en een 10 kWh batterij

Voor een huishouden met 10 zonnepanelen en een 10 kWh batterij komt de besparing op puur de terugleverkosten uit op ongeveer € 93 per jaar — in de praktijk te weinig om de aanschaf ooit op die besparing alleen terug te verdienen.

De aannames op een rij

  • Opwek: 10 zonnepanelen wekken volgens Milieu Centraal ongeveer 3.500 kWh per jaar op, "ongeveer evenveel als een gemiddeld Nederlands huishouden in een rijtjeshuis in een jaar verbruikt".
  • Verbruik: we rekenen met datzelfde gemiddelde verbruik van circa 3.500 kWh per jaar.
  • Zelfverbruik zonder batterij: gemiddeld verbruik je zelf ongeveer 30% van je zonnestroom direct, meldt Milieu Centraal — de rest lever je terug aan het net. Dat is 1.050 kWh zelf verbruikt en 2.450 kWh teruggeleverd.
  • Zelfverbruik met een 10 kWh batterij: Milieu Centraal noemt een stijging van "30% naar ruim 50%" zelfverbruik bij een gemiddelde 6 kWh batterij of een slim ladende elektrische auto. We rekenen voorzichtig met diezelfde 50% voor een 10 kWh batterij; dat is eerder een ondergrens dan een bovengrens, want CE Delft mat in een praktijkproef voor Vereniging Eigen Huis bij één huishouden met een kleinere 5 kWh batterij zelfs een stijging naar 68% zelfverbruik. Bij 50% zelfverbruik gebruik je 1.750 kWh zelf en lever je 1.750 kWh terug.
  • Verschil: de batterij verschuift dus 700 kWh per jaar van teruglevering naar eigen verbruik.

Wat dat oplevert aan terugleverkosten

Scenario Zelfverbruik Teruglevering Terugleverkosten (Vattenfall-schaal, mei 2026)
Zonder batterij 1.050 kWh (30%) 2.450 kWh € 293 per jaar
Met 10 kWh batterij 1.750 kWh (50%) 1.750 kWh € 200 per jaar
Verschil + 700 kWh zelf verbruikt − 700 kWh teruglevering € 93 per jaar minder

Reken je met de schalen van Vattenfall, dan val je zonder batterij in de schaal 2.250–2.500 kWh (€ 293 per jaar) en met batterij in de schaal 1.500–1.750 kWh (€ 200 per jaar): een besparing van € 93 per jaar. Een tweede, onafhankelijke rekenmethode bevestigt die orde van grootte: bij het vaste tarief van Eneco van € 0,13329 per kWh bespaar je op 700 kWh minder teruglevering € 93,30 per jaar. Beide rekenmethodes komen op nagenoeg hetzelfde bedrag uit.

Zet je dat bedrag af tegen onze richtprijs van een 10 kWh batterij (€ 10.200 – 11.700 incl. btw en installatie, met als midden van de band € 10.950), dan kom je uit op een terugverdientijd van ruim 117 jaar — alleen op basis van vermeden terugleverkosten. Bekijk de volledige richtprijzen op de pagina over de kosten van een thuisbatterij. Alleen al uit dit rekenvoorbeeld blijkt dat de besparing op terugleverkosten zelden de doorslag geeft.

Dat is ook niet gek: terugleverkosten zijn maar een klein deel van wat een thuisbatterij financieel oplevert. De 700 kWh die je nu zelf verbruikt in plaats van teruglevert, hoef je namelijk ook niet meer in te kopen tegen het volle leveringstarief — en dat effect is veel groter dan het vermeden bedrag aan terugleverkosten alleen. De volledige berekening, inclusief het effect van een dynamisch energiecontract, staat op de pagina over de terugverdientijd van een thuisbatterij: daar lopen de jaarlijkse besparingen in onze eigen rekenvoorbeelden uiteen van € 395 tot € 875, afhankelijk van je contract. Terugleverkosten maken daarvan dus hooguit een kwart uit — het grootste deel van het rendement zit in vermeden inkoop, niet in vermeden terugleverkosten.

Wat gebeurt er met terugleverkosten als saldering per 1 januari 2027 stopt?

Terugleverkosten verdwijnen niet als saldering stopt — ze blijven bestaan naast een losse terugleververgoeding, en gaan dan over al je teruglevering, niet meer alleen over het deel dat via schalen wordt bijgehouden naast een grotendeels salderende jaarrekening. Tot en met 31 december 2026 verrekent je leverancier de meeste teruglevering nog met je verbruik; terugleverkosten komen daar als aparte kostenpost bovenop. Vanaf 1 januari 2027 rekent je leverancier verbruik en teruglevering volledig los van elkaar af, zoals we uitgebreider beschrijven op de pagina over het einde van de salderingsregeling.

Eneco heeft voor 2027 al concrete tarieven gepubliceerd, en die laten een opvallend patroon zien. Voor de periode tot en met 31 december 2026 rekent Eneco € 0,13329 per kWh terugleverkosten tegenover een terugleververgoeding van € 0,14326 per kWh. Vanaf 1 januari 2027 worden dat volgens diezelfde rekenvoorbeeld-pagina € 0,03865 per kWh terugleverkosten en € 0,05058 per kWh terugleververgoeding. Bij deze leverancier daalt het tarief voor terugleverkosten dus fors, terwijl ook de vergoeding flink lager uitvalt dan wat je er nu, dankzij saldering, feitelijk voor terugkrijgt.

Voor jou als eigenaar van zonnepanelen betekent dit vooral dat een teruggeleverde kWh na 2027 nog minder waard wordt, ook al zakt het aparte terugleverkosten-tarief bij deze leverancier mee omlaag. Elke kWh die je met een batterij van teruglevering naar eigen verbruik verschuift, bespaart je dan zowel de gemiste terugleververgoeding als de terugleverkosten, en dat samen is nog altijd veel minder waard dan het volledige leveringstarief dat je voor ingekochte stroom betaalt. Dat is precies waarom het zwaartepunt van een batterij se rendement na 2027 nog sterker bij eigen verbruik komt te liggen dan bij het specifiek vermijden van terugleverkosten.

Vaste prijs, betalen pas na financiering

Thuisbatterij laten plaatsen door een erkende installateur?

Wij regelen advies, schouw, één vaste offerte en de installatie door een InstallQ-erkende installateur. Je betaalt pas als je financiering rond is; zo niet, dan vervalt de opdracht kosteloos.

Wanneer weegt de besparing op terugleverkosten wel en niet op tegen de aanschaf?

Puur op besparing van terugleverkosten weegt de aanschaf van een thuisbatterij vrijwel nooit op — pas in combinatie met een hoger eigen verbruik over de volle breedte van je energierekening, en het liefst met een dynamisch energiecontract erbij, kom je in de buurt van een redelijke terugverdientijd.

Onderzoek van CE Delft voor Vereniging Eigen Huis, gebaseerd op twaalf maanden praktijkdata bij dertien huishoudens en gepubliceerd in februari 2026, vond terugverdientijden van 6,5 tot 22 jaar voor een thuisbatterij, afhankelijk van woningkenmerken, energieverbruik en elektriciteitscontract. Terugleverkosten zijn in die berekening nooit de doorslaggevende factor; het is altijd de combinatie van hoger eigen verbruik, een gunstig contract en soms handel op prijsverschillen die het verschil maakt tussen de korte en de lange kant van die bandbreedte. Lees hoe dat samenspel werkt op de pagina over een thuisbatterij met een dynamisch energiecontract.

De besparing op terugleverkosten weegt eerder op wanneer:

  • Je toch al een batterij overweegt voor een ander doel, zoals meer eigen verbruik, noodstroom bij een stroomstoring of het vermijden van een dure aansluitverzwaring — dan is de besparing op terugleverkosten een welkome extra, geen doorslaggevende reden op zich.
  • Je een leverancier hebt met relatief hoge terugleverkosten én een groot dak met veel overschot, waardoor je structureel in een hoge schaal valt.
  • Je de batterij combineert met een dynamisch energiecontract, waarmee je ook aan prijsverschillen kunt verdienen bovenop de vermeden terugleverkosten.

De besparing weegt niet op wanneer:

  • Je nog volledig profiteert van saldering tot 2027, waardoor het financiële verschil tussen zelf verbruiken en terugleveren nog klein is.
  • Je een klein systeem hebt met beperkt overschot, waardoor de batterij nauwelijks extra kWh kan verschuiven.
  • Je alleen naar terugleverkosten kijkt en de rest van de besparing — vermeden inkoop, eventueel dynamisch handelen — buiten beschouwing laat.

Welke alternatieven zijn er om terugleverkosten te beperken, en hoe verhouden die zich tot een batterij?

Naast een batterij zijn er vier andere manieren om terugleverkosten te beperken: overstappen naar een leverancier met lagere kosten of een hogere vergoeding, je eigen verbruik overdag verhogen, de teruglevering van je omvormer begrenzen, of je panelen deels uitschakelen — maar alleen de eerste twee kosten niets extra en leveren zelden nadelen op.

Overstappen van leverancier. Zoals de tabel eerder in dit artikel laat zien, lopen de tarieven flink uiteen: bij 2.250–2.500 kWh teruglevering betaal je bij Vattenfall € 293 per jaar en bij Essent € 308,76. ACM ConsuWijzer adviseert om bij het vergelijken altijd naar het leveringstarief én de terugleverkosten samen te kijken, en wijst erop dat het soms voordeliger is om aparte leveranciers voor levering en teruglevering te kiezen. Dit kost niets extra en is de eerste stap die de meeste huishoudens over het hoofd zien.

Zelfverbruik verhogen zonder batterij. Milieu Centraal noemt dit zelf als het meest milieuvriendelijke alternatief voor een batterij: zet de wasmachine en de vaatwasser aan zodra de zon schijnt, en laad een elektrische auto of het voorraadvat van een warmtepomp op de momenten dat je zonnepanelen veel opleveren. Dit kost geen investering, maar werkt alleen voor verbruik dat je daadwerkelijk kunt verplaatsen naar overdag — een batterij slaat stroom ook op voor de avond en nacht, wanneer verplaatsen niet mogelijk is.

Terugleverbegrenzing op de omvormer. Veel moderne omvormers kunnen worden ingesteld op een exportlimiet, ook wel zero-export genoemd: het systeem stuurt dan minder vermogen naar het net dan je zonnepanelen zouden kunnen leveren, zodra je een ingestelde grens nadert. Dat kan helpen om in een lagere terugleverschaal te blijven, maar het grote nadeel is dat de stroom boven die grens niet wordt opgeslagen, zoals bij een batterij, maar simpelweg niet wordt opgewekt of niet wordt gebruikt. Je verspilt dan potentiële gratis stroom in plaats van hem te verschuiven naar een later moment.

Panelen deels uitzetten. Dit is de meest rigoureuze variant van hetzelfde principe, en heeft hetzelfde nadeel in extreme vorm. Milieu Centraal noemt het juist gunstig voor het klimaat dat zonnepanelen op het elektriciteitsnet zijn aangesloten: zonder die aansluiting "gooi je vooral 's zomers veel duurzame stroom weg". Bewust panelen uitschakelen om terugleverkosten te vermijden werkt in feite hetzelfde uit: je levert dan helemaal niets meer op voor die kWh, terwijl gewone teruglevering — ook mét terugleverkosten — meestal nog altijd een positief saldo overhoudt, omdat de terugleververgoeding doorgaans hoger ligt dan de terugleverkosten.

Van deze vier alternatieven is een thuisbatterij de enige optie die zowel terugleverkosten vermijdt als de opgewekte stroom daadwerkelijk benut, in plaats van hem te verspillen. Dat maakt een batterij technisch de beste oplossing, maar ook verreweg de duurste: overstappen en zelfverbruik verhogen kosten niets, terwijl een batterij al snel duizenden euro's vraagt voor een besparing van enkele tientallen tot ruim honderd euro per jaar op alleen de terugleverkosten. Kies je toch voor een batterij, dan bepaalt de juiste capaciteit voor jouw dak en verbruik voor een groot deel het uiteindelijke rendement; dat rekenen we uit op de pagina over hoeveel kWh thuisbatterij je nodig hebt.

Wat doet Mijnhuisinstallaties voor je?

Mijnhuisinstallaties regelt een gratis schouw aan huis, waarna je één vaste prijs krijgt voor advies, materiaal en installatie door een InstallQ-erkende installateur, en je betaalt pas zodra je financiering rond is: € 500 aanbetaling, het restant na oplevering. Tijdens die schouw kijken we ook naar je teruglevering en je energiecontract, zodat je vooraf weet hoeveel een batterij realistisch aan terugleverkosten — en aan je totale energierekening — kan besparen. Bekijk de mogelijkheden op onze pagina over de thuisbatterij of reken via de salderingscheck uit wat het einde van salderen voor jouw situatie betekent.

Veelgestelde vragen

Wat zijn terugleverkosten?

Terugleverkosten zijn een aparte vergoeding die je energieleverancier rekent voor het verwerken van de zonnestroom die je aan het net teruglevert, los van saldering en los van de terugleververgoeding. Sinds 2023 brengen steeds meer leveranciers deze kosten in rekening, meldt de ACM, meestal gebaseerd op je totale jaarlijkse teruglevering.

Mag een energieleverancier terugleverkosten rekenen?

Ja. De ACM onderzocht terugleverkosten bij 16 leveranciers en concludeerde op 17 december 2025 dat deze kosten niet verboden en niet onredelijk hoog zijn in verhouding tot de kosten die leveranciers zelf maken. Wel moet elke leverancier ze vanaf het modelcontract van 1 januari 2026 op een uniforme manier per kWh berekenen.

Hoe hoog zijn terugleverkosten gemiddeld in 2026?

Dat hangt sterk af van je leverancier en je teruglevervolume. Bij 2.250 tot 2.500 kWh teruglevering per jaar betaal je bijvoorbeeld € 293 bij Vattenfall (tarief per 1 mei 2026) en € 308,76 bij Essent (tarief per 1 januari 2025). Eneco rekent in plaats daarvan een vast tarief van € 0,13329 per kWh.

Hoeveel bespaart een thuisbatterij aan terugleverkosten?

In ons rekenvoorbeeld voor 10 zonnepanelen en een 10 kWh batterij bespaar je ongeveer € 93 per jaar, doordat de batterij 700 kWh per jaar verschuift van teruglevering naar eigen verbruik. Dat bedrag is berekend met zowel het schalensysteem van Vattenfall als het vaste kWh-tarief van Eneco, en beide methodes komen op nagenoeg hetzelfde bedrag uit.

Verdien ik een thuisbatterij terug met alleen de besparing op terugleverkosten?

Vrijwel nooit. Bij onze richtprijs van € 10.950 (midden van de band voor een 10 kWh batterij) en een besparing van € 93 per jaar op terugleverkosten alleen, kom je uit op een terugverdientijd van ruim 117 jaar. Het grootste deel van het rendement van een batterij zit in vermeden inkoop van stroom, niet in vermeden terugleverkosten.

Wat gebeurt er met terugleverkosten als saldering in 2027 stopt?

Ze verdwijnen niet, maar blijven bestaan naast een losse terugleververgoeding. Eneco publiceerde voor 2027 al tarieven van € 0,03865 per kWh terugleverkosten tegenover € 0,05058 per kWh vergoeding, beide lager dan de huidige tarieven tot en met 2026.

Kan ik terugleverkosten voorkomen door van energieleverancier te wisselen?

Deels. De verschillen tussen leveranciers zijn groot, zoals de vergelijkingstabel in dit artikel laat zien. ACM ConsuWijzer adviseert om altijd het leveringstarief en de terugleverkosten samen te vergelijken, en wijst erop dat aparte leveranciers voor levering en teruglevering soms voordeliger zijn.

Wat is het verschil tussen terugleverkosten en de terugleververgoeding?

Terugleverkosten zijn wat je betaalt voor het verwerken van je teruglevering. De terugleververgoeding is wat je ontvangt voor stroom die je, na verrekening met je verbruik, alsnog aan het net teruglevert. Beide staan los van elkaar op je jaar- of eindafrekening.

Kan ik mijn omvormer instellen om terugleverkosten te vermijden?

Ja, via een exportlimiet of zero-exportinstelling kun je voorkomen dat je omvormer meer stroom naar het net stuurt dan een ingestelde grens. Het nadeel is dat de stroom boven die grens niet wordt opgeslagen zoals bij een batterij, maar simpelweg verloren gaat.

Moet ik mijn thuisbatterij aanmelden bij de netbeheerder?

Ja. Sinds 7 mei 2024 is aanmelding van elke elektriciteitsopslageenheid tot 1 megawatt verplicht via energieleveren.nl, meldt Netbeheer Nederland, zodat netbeheerders rekening kunnen houden met het vermogen dat via je batterij aan het net wordt onttrokken en geleverd.

Bronnen

Redactie Mijnhuisinstallaties

Adviesteam thuisbatterijen en zonne-energie

Wij schrijven vanuit de praktijk: onze adviseurs en InstallQ-erkende installateurs plaatsen dagelijks thuisbatterijen, zonnepanelen, laadpalen en warmtepompen. Elk artikel wordt gecontroleerd op actuele regelgeving en officiële bronnen.